Advertentie
Deze tekst werd reeds door 2 personen gedownload (PDF, 193 kB)
Aantal personages
Mannen: 2
Vrouwen: 1
Personages
Juffrouw Tania, Philip, de kolonel
Structuur
Losse scènes
Genre(s)
Drama
Ruimte
Tuinfeest
Tijd
Heden
Synopsis
Tijdens een tuinfeest vlucht plotseling een vrouwelijke gast de salon binnen, even later gevolgd door een oudere man: "Tania! wat doet gij hier? Bij mij thuis?" Zij omhelst hem en zweert dat ze helemaal niet wist dat Bernhard, door wie ze werd uitgenodigd, zijn zoon was! Verborgen achter een vleugel luister een geuniformeerde man het gesprek tussen tania en de vijftigjarige Philip, haar minnaar, af. Vanaf dat moment blijkt het Tania onmogelijk het kasteel te verlaten. Een op hol geslagen farce op het scherp van het mes begint. Een jonge vrouw en twee oudere mannen storten zich in een verbaal gevecht over zuivere trouw en ware liefde.
PHILIP: Ik sta in deze kamer.
Ik kijk naar het plafond toevallig.
Ineens zie ik een witte gloed
die meer en meer begint te stralen.
Er vallen stukken kalk naar beneden.
Ineens breekt er een arm door.
Uitgestrekt met een zwaard.
Hij beweegt heen en weer.
Iemand komt er mij verlossen.
Ik duw de tafel en de stoelen aan de kant.
Ik heb dat nog maar juist gedaan
en het plafond breekt open.
Een heel grote hoogte.
Er daalt een wezen neer
met blinkende vleugels van zijde.
Een blauwpaars kleed.
Een engel dus.
De hele dag is ze naar mij onderweg geweest.
En ik ongelovige die ik ben, ik wist van niets.
◊
PHILIP: Hoe? Wat?
TANIA: Hoe? Wat? Wat ge mij nu lapt.
Ik kom daar aan ‘t station. Alles is daar toe.
‘k Ga op het perron staan.
‘k Sta daar een kwartier, komt er een heer naar mij:
“Wacht u soms op een trein?”
‘k Zeg: “Ja. Op die van elf na.
Hij moest hier al vijf minuten zijn.”
Zegt hij: “Juffrouw, wat staat gij hier te wachten?
Er stoppen hier al drie jaar geen treinen meer.”
Santé.
‘k Heb dan geprobeerd te liften.
Dat zijn hier allemaal boeren in de streek.
Ze zouden u van de weg rijden moesten ze kunnen.
‘k Zou zeggen: Breng gij mij naar huis.
PHILIP: ‘k Zit vast.
TANIA: ‘k Kan er enen uit het zwembad halen.
Met één of andere foef dat ‘k mij niet goed voel.
Maar ‘k weet ‘t op voorhand -
ik heb zoal de naam van een flauwe te zijn -
er is geen één die ga willen. Lieske zeker niet.
Ze is met geen stokken weg te krijgen.
Ze heeft het wreed voor uwe zoon.
Ze plakt aan zijn lijf. Het is maar dat ge ‘t weet.
‘k Ga nekeer luisteren buiten.
Auteursrechten
De rechten worden beheerd door SABAM.